Kamerbrief pensioenonderwerpen

Kamerbrief pensioenonderwerpen

29/9/20

Op 22 september heeft minister Koolmees de Eerste Kamer en de Tweede Kamer geïnformeerd over verschillende onderwerpen rondom pensioenen.

Het betrof de volgende onderwerpen:

• Stand van zaken toezeggingen evaluatie Wet verbeterde premieregeling

Koolmees heeft gesprekken gevoerd met de pensioensector over verbetering en uniformering van de informatievoorziening aan deelnemers. Als resultaat hiervan is een aantal initiatieven genomen om de begrijpelijkheid en vergelijkbaarheid tussen verschillende Wvp-producten te verbeteren. Deelnemers worden daarmee in staat gesteld om op basis van betere informatie een keuze te maken tussen een vaste en variabele uitkering.

• Communicatie over het nieuwe pensioenstelsel voor deelnemers

De minister geeft aan dat op rijksoverheid.nl en diverse sociale mediakanalen van het ministerie, door gebruik van

animatie en begrijpelijke teksten op een toegankelijk wijze inzichtelijk wordt gemaakt wat er gaat veranderen en hoe het nieuwe pensioenstelsel eruit komt te zien.

Verder wordt er in het kader van communicatie naar de burger de komende periode themagewijs informatie gedeeld over de betekenis van het nieuwe pensioenstelsel voor diverse leeftijdscohorten. De communicatie zal de komende jaren blijven plaatsvinden

• Planning uniformering partnerbegrip

Het partnerbegrip zal wettelijk worden geuniformeerd. De minister gaat in gesprek met de sector om eventuele onwenselijke effecten in beeld te brengen en daar een oplossing voor te vinden.

• Gesprek ouderen- en jongerenorganisaties

Koolmees zal op korte termijn in gesprek gaan met vertegenwoordigers van ouderen- en jongerenorganisaties over de vorm van inspraak bij het invaren van bestaande aanspraken en rechten naar het nieuwe pensioenstelsel.

• Indexatieperspectief in het nieuwe stelsel

De minister gaat in op vragen uit de Tweede Kamer over het indexatieperspectief in het nieuwe pensioenstelsel. Hij geeft aan dat de uitkomsten van de verschillende contracten zijn doorgerekend in verschillende scenario’s. Op hoofdlijnen blijft staan dat het nieuwe contract – door het vervallen van de buffereisen – sneller meebeweegt met de ontwikkeling van de economie en daarmee indexatie dichterbij brengt ten opzichte van het huidige ftk-contract. De huidige lage dekkingsgraden van pensioenfondsen hebben echter wel tot gevolg dat indexatie verder weg is dan bij een startdekkingsgraad van 100%, zoals dat was verondersteld bij de vergelijking van het oude en het nieuwe contract.

• Effectieve pensioenleeftijden in de publieke sector in de EU

Met verschillende tabellen laat de minister zien dat de effectieve pensioenleeftijd tussen de verschillende OESO landen nog sterk uiteen loopt. Nederland kent een effectieve pensioenleeftijd die dicht bij het gemiddelde in de OESO- landen ligt. Hij merkt op dat de effectieve pensioenleeftijd in veel van de OESO landen de afgelopen jaren is gestegen. De vergrijzing speelt hierbij een belangrijke rol. In veel lidstaten blijft ook in de toekomst hervorming in het pensioenstelsel nodig.

• Reactie op het CPB/Netspar-onderzoek naar lage rente en de toekomst van pensioenen

Tot slot gaat de minister in op een onafhankelijk onderzoek naar de consequenties van een langdurig lage rente voor een kapitaalgedekt pensioenstelsel.

Bron: https://www.rijksoverheid.nl/documenten/kamerstukken/2020/09/22/kamerbrief-pensioenonderwerpen

Lees hier het volledige artikelTerug naar Nieuwsoverzicht

Kunnen wij u helpen?

Neem contact met ons op of laat uw gegevens achter.
Contact