Pensioenakkoord: Brief over behandeling wetsvoorstel Bedrag ineens in Eerste Kamer

Pensioenakkoord: Brief over behandeling wetsvoorstel Bedrag ineens in Eerste Kamer

15/12/20

Minister Koolmees heeft de Eerste Kamer een brief gestuurd over het Wetsvoorstel bedrag ineens. De Eerste Kamer had de minister van SZW gevraagd om een nadere onderbouwing van het spoedeisend belang van alle onderdelen van het Wetsvoorstel bedrag ineens, RVU en verlofsparen. Dit met het oog op een eventuele behandeling van dit wetsvoorstel tijdens het kerstreces. Daarnaast had de Eerste Kamer gevraagd welke onomkeerbare gevolgen zouden optreden bij een plenaire behandeling van het wetsvoorstel medio 2021.

In de brief geeft de minister aan dat voor de versoepeling van de RVU-heffing in het wetsvoorstel een bepaling voor terugwerkende kracht (per 1 januari 2021) is opgenomen. Behandeling van het wetsvoorstel in januari zou daarmee dus wel mogelijk. Ook zijn bij een latere behandeling van het wetsvoorstel de gevolgen voor verlofsparen te overzien. Voor wat betreft de regelgeving omtrent het bedrag ineens gaat het volgens de minister om het tijdig informeren over het keuzerecht en het aanpassen van de pensioenadministraties. Dit moet op tijd gebeuren, zodat vanaf 1 januari 2022 daadwerkelijk een bedrag ineens kan worden uitgekeerd. Het opschuiven van de behandeling van het wetsvoorstel zou volgens de minister leiden tot een kortere voorbereidingstijd voor de uitvoerders.

De Pensioenfederatie heeft erop gewezen dat het beschikbaar komen van de regelgeving belangrijk is in het kader van de voorbereidingstijd. De invoering van het wetsvoorstel staat volgens hen echter niet zo zeer onder druk vanwege de vertraging in de wetsbehandeling bij de Eerste Kamer, maar door de complexiteit die is toegevoegd middels de nota van wijziging.

Bron: ministerie van SZW 11-12-2020

Lees hier het volledige artikelTerug naar Nieuwsoverzicht

Kunnen wij u helpen?

Neem contact met ons op of laat uw gegevens achter.
Contact